Konijnenoren

Ook wel: Dubbele-lus-methode, Bunny ears

Bij de konijnenoren-methode maak je eerst twee lussen, de oren, en knoop je die over elkaar heen. Het is precies dezelfde beweging als de beginknoop, alleen dan met lussen.

Daarom is dit voor de meeste kinderen de makkelijkste methode om mee te beginnen: beide handen doen hetzelfde en er gebeurt maar één ding per stap. De strik die je krijgt is even stevig als een gewone strik.

Stap voor stap: Konijnenoren

  1. Maak de beginknoop Kruis de veters, steek de bovenste veter onder het kruisje door en trek beide uiteinden stevig aan.
  2. Maak twee oren Vouw beide veters dubbel tot een lus. Nu heb je twee konijnenoren.
  3. Kruis de oren Leg de oren over elkaar, maar dan andersom dan bij de beginknoop. Lag de linkerveter bij de beginknoop bovenop? Leg nu het rechteroor over het linker.
  4. Door het holletje Steek het bovenste oor onder het andere door, door het gaatje onderin.
  5. Trek de oren aan Pak in elke hand een oor en trek ze stevig uit elkaar.

Wanneer gebruik je dit?

Om te leren strikken, en voor iedereen die de gewone strik lastig vindt.

Voordelen

  • Makkelijkst te leren
  • Beide handen doen hetzelfde
  • Even stevig als de gewone strik

Nadelen

  • Iets langzamer dan de gewone strik of de Ian-knoop
  • Bij te kleine oren glipt de strik makkelijk los

Tips

  • Maak de oren niet te klein: dan glippen ze er tijdens het aantrekken uit.
  • Kruis je de oren in dezelfde richting als de beginknoop, dan krijg je een omaknoop die scheef staat en losgaat.